Veelgestelde vragen (FAQ)

Wie is Boris?
De stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) en de PO-Raad hebben bij de ontwikkeling van de Borismethodiek nagedacht over een aansprekend beeld. Al snel kwamen ze op het idee om een geleidehond te gebruiken als metafoor voor het ondersteunen van de jongere met een beperking bij het realiseren van zijn participatie. Ze hebben van het Koninklijk Nederlands Geleidehonden Fonds (KNGF Geleidehonden) toestemming gekregen voor het gebruik van een geleidehond als mascotte voor het project. Het fonds is in de jaren ’30 opgericht en heeft als doel het bevorderen van de mobiliteit en zelfstandigheid van visueel gehandicapten door geleidehonden. KNGF Geleidehonden leidt ook autismegeleidehonden op. Deze geleidehonden begeleiden kinderen tussen drie en zeven jaar met een stoornis in het autismespectrum. Boris is door het KNGF opgeleid tot geleidehond. Na veel oefenen in de praktijk mocht hij laten zien wat hij kon. Hij heeft zijn opleiding in 2011 afgerond en werkt nu als geleidehond. Het traject van Boris staat symbool voor de werkwijze binnen het project 'Boris brengt je bij 'n baan'.

Wat is Boris?
Boris is een aanpak die leerlingen uit het voortgezet speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs helpt bij het vinden van hun plek op de arbeidsmarkt. De aanpak is gebaseerd op de systematiek van het werkend leren uit het middelbaar beroepsonderwijs, een systeem dat al bijna een eeuw in de onderwijswetgeving is verankerd. Voor 100.000 jongeren per jaar is dit de belangrijkste route naar arbeid en voor het bedrijfsleven is het de belangrijkste manier om nieuw personeel te werven. Belangrijke onderdelen binnen de methodiek zijn oriëntatie op beroep en loopbaan, een opleidingstraject op maat en leren in een bedrijf. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met het ministerie van OCW. 

Waar is Boris?
Allerlei scholen en gemeenten werken met de Borisaanpak. Vanaf 2010 hebben scholen voor voortgezet speciaal onderwijs geëxperimenteerd met de aanpak om hun leerlingen te helpen bij het vinden van een baan. Dat was een succes en daarom is het experiment verbreed naar het praktijkonderwijs. Door heel Nederland gaan zo'n 35 scholen in het vso en praktijkonderwijs nu intensief aan de slag met de methodiek. Gedurende de projectperiode die loopt van november 2013 tot en met juli 2015, kunnen meer scholen aanhaken bij de scholen die het intensieve implementatietraject volgen. Ook gemeenten hebben belangstelling voor Boris; dat geldt bijvoorbeeld voor Rotterdam, Drechtsteden en Nijmegen. Als gemeenten met een beperkt budget het aantal uitkeringen moeten beheersen dan is effectieve arbeidstoeleiding in het onderwijs een belangrijke weg om dat te bereiken. Veel gemeenten zijn daarom in gesprek met samenwerkingsverbanden passend onderwijs om vast te stellen in hoeverre het vso en het praktijkonderwijs succesvol zijn in de doorleiding van hun kandidaten naar de arbeidsmarkt.

Hoe kan ik aansluiten bij Boris?
Om de implementatie van de Boris-methode te ondersteunen, heeft het Boris-team een zelftest voor de scholen ontwikkeld. Scholen kunnen daarmee voor zichzelf vaststellen in welke mate ze de Boris-methode al uitvoeren. Op tien onderdelen kan worden vastgesteld hoe de school scoort op de bestanddelen van een werkend-leren-organsiatie. Met de uitslag van de zelftest kan de school voor zichzelf de prioriteiten bepalen voor het beleid op de school. Zo kan de school maatwerk voor zichzelf maken bij de implementatie van de Boris-methode. Natuurlijk kunt u ook deelnemen aan ons trainingsaanbod. Wilt u meer informatie? Neemt u dan contact op met projectleider Will Seignette via w.seignette@s-bb.nl of 06 23 946 656.